Moeilijk, moeilijk, moeilijk. Over positief formuleren.

‘Ik heb een heel zwaar leven, echt heel zwaar. Alles is voor mij ontzettend moeilijk.’

Uit de mond van Brigitte Kaandorp is dit lollig; we kennen allemaal wel zo’n zelfverklaard slachtoffer. Of we zijn er een. Fijn als mensen eerlijk zijn, maar we houden niet van gezeur. Mensen horen en lezen liever iets positiefs. Het brengt je in een vriendelijker stemming.

Andere blik

Positief formuleren vraagt een nieuwe blik op de boel. Het is maar waar je de nadruk op legt. Wat vroeger een stoptrein heette (stopt op elk station) heet nu een sprinter (sprint van het ene naar het andere). Dan zit je toch met een heel ander gevoel in die trein.

‘Wegens verbouwing gesloten’ klinkt minder prettig dan ‘Deze supermarkt wordt nog mooier.’

‘Kinderen vanaf 12 jaar zijn van harte welkom’ klinkt uitnodigender dan ‘Kinderen onder de 12 mogen niet naar binnen.’

Roze olifant

Nog een voordeel van positief formuleren: je vergroot de kans dat je slaagt in wat je wilt bereiken. Dat heeft te maken met dat je brein ‘niet’ niet hoort. Het bekende voorbeeld: denk niet aan een roze olifant. Of die SIRE-campagne ‘Handen af van onze hulpverleners’. Dat spotje strijdt tegen geweld tegen hulpverleners, maar door er beelden van te laten zien, werkt het averechts.

Wat je aandacht geeft, groeit. Zeg je tegen je kind ‘niet op de bank springen’, dan vestig je de aandacht op het springen en gaat ie lekker door. Zeg je ‘wil je op de bank gaan zitten?’ dan verleg je de aandacht naar het zitten. Ik heb geen idee hoe hard dit is gemaakt, maar het lijkt me het proberen waard. Ook om te voorkomen dat je een heel zwaar leven krijgt. En de mensen om je heen ook.

Roeien vs kanoën

Creatief met taal! Heb je net de voordeur geverfd, dan is een briefje met ‘niet aanraken’ vragen om gelazer. Onze buurman van vroeger hing een briefje op met ‘NAT’ met de schuine streep van de N van linksonder naar rechtsboven. Daar sta je toch even dom naar te staren. Een knipoog die werkt.

‘De gewenste uitkomst is waar je naartoe gaat, niet waartegen je je afzet. Het is als het verschil tussen roeien en kanoën: bij roeien ga je ergens vandaan, maar je ziet niet waar je naartoe gaat. Bij kanoën kijk je vooruit in plaats van achteruit,’ zegt verandermanager Wendy van Nieuwland in het interview ‘Woorden als voertuig van veranderingen’.

Check je tekst op ‘niet’, ‘geen’, ‘moeten’, ‘verboden’

Kijk eens naar je eigen teksten. Zie je vaak het woord ‘niet’? Of ‘geen’? Of andere negatieve formuleringen? Probeer het eens om te draaien. Wat is/mag/kan er wél?

‘Nog geen beoordeling’ bij een product in je webshop? ‘Schrijf nu de eerste beoordeling’ klinkt al heel wat minder verbitterd veel positiever.

Voer je positieve stijl door in al je teksten: tot en met je voorwaarden, de melding op een niet meer bestaande pagina, je contactformulier. Een beetje humor of een vinkje bij elk goed ingevuld veld brengt je bezoeker in een betere stemming. Daardoor hebben je teksten meer effect. Het is wel een fine line: te veel ronkende bijvoeglijk naamwoorden of geestigheden doen je bezoeker juist afhaken. Zoek de balans.

Probleem ≠ negatief

Dit betekent overigens niet dat je helemaal weg moet blijven van alle negatiefs. Als je bijvoorbeeld iemand wilt overtuigen van de waarde van jouw product of dienst, dan is het zeker zinvol om aandacht te schenken aan het probleem van je klant. Dat is niet negatief, dat is serieus nemen. Die herkent wat je schrijft en voelt zich gehoord. (Ja! Ik zit hier bij de pakken neer met die rammelende tekst / eeuwig overgewicht / schoenendoos met bonnen / slechte seks). Je boeit hem pas als je zijn pijn benoemt. Dus wrijf de ellende er maar lekker in (twist the knife) om vervolgens te laten zien hoe jij die pijn kan wegnemen. Later meer hierover!

Meer weten over plustaal, neuronetwerken en waarom het negatieve zo hardnekkig is? Lees het artikel ‘Zeg niet wat je níet wilt.’ 

 

Reacties van harte welkom!

Want, klein woord, groot effectJip en Janneke taal